Longevity
Longevity is het Amerikaanse begrip voor gezond en vitaal ouder worden. Het is een tak van de preventieve geneeskunde, die zich richt op iemand zo lang mogelijk gezond en fit te houden, door middel van leefstijladviezen, voedingsadviezen, diëten, extra aanvulling met supplementen (vitaminen, mineralen, kruiden, aminozuren, voorlopers van hormonen, evt. hormonen) en regelmatige check-ups . Al lijkt de term longevity vooral te gaan over "lang leven", de aandacht is vooral gericht op een betere kwaliteit van leven en minder op kwantiteit.
Wij zijn aangesloten bij de LEF, de Life Extension Foundation en Johan Bolhuis heeft in Brussel en Orlando (USA) en Fortlauderdale (USA) diverse workshops gevolgd op het gebied van longevity. Zowel Alexandra Alons als Johan Bolhuis zijn geschoold in de orthomoleculaire geneeskunde en detoxtherapie, hetgeen beiden therapieën zijn die perfect aansluiten bij longevity adviezen.
Onderstaand artikel geeft een toelichting over wat je met voeding en voedingssupplementen kan doen om het verouderingsproces te beïnvloeden. Het is een hoofdstuk dat reeds gepubliceerd is in het boek: "Goed oud worden in Nederland. Lang en gezonder leven met de juiste leefstijl, voeding en beweging" Dr. W.A.M. Linnemans & I.M. Pappot (red.). Uitgeverij de Driehoek. ISBN 9060306201.
Longevity / Gezond en vitaal worden en blijven
Longevity is het Amerikaanse begrip voor gezond en vitaal ouder worden. Het is een tak van de preventieve geneeskunde, die zich richt op iemand zo lang mogelijk gezond en fit te houden, door middel van leefstijladviezen, voedingsadviezen, diëten, extra aanvulling met supplementen (vitaminen, mineralen, kruiden, aminozuren, voorlopers van hormonen, evt. hormonen) en regelmatige check-ups . Al lijkt de term longevity vooral te gaan over "lang leven", de aandacht is vooral gericht op een betere kwaliteit van leven en minder op kwantiteit.
Wij zijn aangesloten bij de LEF, de Life Extension Foundation en Johan Bolhuis heeft in Brussel en Orlando (USA) en Fortlauderdale (USA) diverse workshops gevolgd op het gebied van longevity. Zowel Alexandra Alons als Johan Bolhuis zijn geschoold in de orthomoleculaire geneeskunde en de chelatietherapie, hetgeen beiden therapieën zijn die perfect aansluiten bij longevity adviezen.
Onderstaand artikel geeft een toelichting over wat je met voeding en voedingssupplementen kan doen om het verouderingsproces te beïnvloeden. Het is een hoofdstuk dat reeds gepubliceerd is in het boek: "Goed oud worden in Nederland. Lang en gezonder leven met de juiste leefstijl, voeding en beweging" Dr. W.A.M. Linnemans & I.M. Pappot (red.). Uitgeverij de Driehoek. ISBN 9060306201.
De invloed van voeding en voedingssupplementen op het verouderingsproces door Johan Bolhuis, orthomoleculair arts.
"Niets maakt sneller oud dan er eeuwig mee bezig te zijn"
(Georg Cristoph. Lichtenberg 1742-1799)
Op
zaterdag 26 november 1998 zou een Amerikaanse arts als eerste spreker verschijnen
op een internationaal congres over "quality of live en longevity"
in Brussel. In plaats van eerste spreker werd hij die dag de vierde spreker.
Hij verklaarde dat zijn dochtertje van 6 diep bedroefd was dat pappa niet
aanwezig kon zijn bij de optocht waarin zij vrijdagmiddag zou lopen en dat
hij besloten had om dan maar wat later in Brussel te verschijnen. Hij begon
zijn lezing met de opmerking: "Waar ben ik mee bezig als ik een lezing
geef over langer leven en bevorderen van de kwaliteit van het leven en zelf
niet eens geef om de zaken die echt belangrijk zijn." In de zaal volgde
een daverend applaus.
De
opmerking van deze man raakte mij diep. Veel mensen zijn zo bezig met er jong
uit te blijven zien en doen van alles om niet voortijdig dood te gaan dat
ze vergeten NU te leven. Vaak is onze angst voor de dood ook een reden om
niet ten volle te leven en kan leren omgaan en accepteren van de dood als
iets wat bij het leven hoort helpen om de levensvreugde te versterken.
In dit hoofdstuk wil ik een beknopt overzicht geven van de mogelijke oorzaken van veroudering, de meest voorkomende ziekten op oudere leeftijd en wat daar (preventief) aan te doen is. Hoewel ik het niet zo zeer zal hebben over de emotionele, spirituele en sociale aspecten van het leven, spelen deze natuurlijk een grote rol en misschien wel de grootste als we het hebben over kwaliteit van leven.
Als we het hebben over veroudering is dat een wezenlijk verschil met het ouder worden. Iedereen wordt even snel ouder, maar niet iedereen veroudert even snel. Als u vandaag in de spiegel kijkt en enkele weken later weer dan lijkt er weinig verandert, maar bijna alle cellen in uw huid zijn nieuwe cellen. Ook cellen van de meeste organen vernieuwen continu, zodat er daar nauwelijks sprake is van ouder worden. Wel kan er sprake zijn van veroudering. In dit artikel wil ik het woord veroudering gebruiken om aan te geven dat er sprake is van een verminderd functioneren, slijtage of verval. Meestal uit zich dit dan in klachten of kwalen die we degeneratieve ziekten noemen of "ouderdomskwalen".
Eén
van de verschijnselen die we zien bij het verouderen is de menopauze. Als
vrouwen in hun menopauze komen produceren ze minder oestrogeen en progesteron
en zien we dat de kans op een aantal ziekten toeneemt, o.a. hart- en vaatziekten
en osteoporose (botontkalking). Ook mannen hebben een menopauze, gekscherend
wel de penopauze genoemd.
Bij hen kan een verminderde dhea- en testosteronproductie zorgen voor meer
kans op hart- en vaatziekten, verminderd libido, lusteloosheid, depressie,
slapeloosheid, botontkalking, vergeetachtigheid en infecties. Behalve een
meno- en penopauze heb je eigenlijk van elk orgaan pauzes:
een pneumopauze: verminderde longfunctie
een cardiopauze: verminderde hartfunctie
een gastropauze: verminderde werking van de maag, minder maagzuurproductie
een hepatopauze: verminderde werking van de lever, verminderde ontgiftingscapaciteit.
een thyreopauze: verminderde werking van de schildklier
etc.
Als
we de kwaliteit van het leven op oudere leeftijd willen verbeteren is het
dus zaak om te kijken
of
we wat kunnen doen aan deze verminderde functies in plaats van te zeggen,
ach dat hoort gewoon bij de menopauze of bij het ouder worden.
Veroudering op zich is een normaal proces en onderdeel van ons leven. Wel gaat dit vaak gepaard met ongemakken en kwalen die de kwaliteit van het leven sterk kunnen verminderen. Ik durf te stellen dat de orthomoleculaire geneeskunde veel in huis heeft om met name die kwaliteit van het leven te verbeteren door de kans op diverse ouderdomskwalen te verminderen of uit te stellen. In de orthomoleculaire geneeskunde wordt gestreefd naar het verkrijgen van een optimale balans van voedingsstoffen als vitaminen, mineralen, aminozuren, vetten en spore-elementen in het lichaam teneinde een optimale gezondheid te bereiken en te behouden. De term orthomoleculaire geneeskunde is gelanceerd door Linus Pauling, tweevoudig Nobelprijswinnaar en groot onderzoeker onder andere naar het effect van vitamine C op de gezondheid. Linus Pauling was voor mij een voorbeeld hoe je tot op hoge leeftijd (hij werd 94) mentaal zeer actief kan zijn. Hij vertelde mij eens dat hij voor het slapen nog diverse tijdschriften als Science en Nature las op zoek naar dingen die hij nog niet wist.
Overlappend
tussen orthomoleculaire geneeskunde, reguliere geneeskunde en natuurgeneeskunde
vind je een groep artsen en biochemici die zich bezig houden met wat in het
Engels wel "longevity medicine" wordt genoemd, of te wel de wetenschap
van het langer en gezonder leven. In Amerika heb je een zeer grote organisatie,
de Life-extension Foundation (zie op internet www.lef.org) en in Nederland
heeft vooral de arts J.G. Defares met onder andere zijn boeken "120 jaar
jong"
en "u kunt langer blijven leven"
bekendheid gegeven aan de invloed van voeding en orthomoleculaire therapie
op veroudering.
De theorieën van het verouderen
Al zijn er vele theorieën over het verouderen, nog steeds is het niet duidelijk waarom sommige mensen minder snel verouderen dan anderen. Een aantal factoren die een rol spelen is inmiddels al wel bekend en daar kunnen we al wat mee.
Meer
dan 80% van onze gezondheid hangt af van "life-style-choices", oftewel
keuzes van leef- en eetstijl.
Hoe we ons gedragen en hoe we eten bepaald dus voor een groot deel onze gezondheid.
Zelfs al is er sprake van erfelijke aanleg, vaak is er nog een factor nodig
die er voor zorgt dat een bepaalde ziekte tot expressie komt. Zo komen in
bepaalde families vroegtijdige sterfte aan hart- en vaatziekten voor en blijkt
dat de oorzaak van een te hoog cholesterol bijvoorbeeld familiair of erfelijk
is, maar met de juiste voeding, voedingssupplementen en levensstijl kun je
het ontstaan van hart- en vaatziekte uit stellen of zelfs geheel te voorkomen.
Behalve voor hart- en vaatziekten geldt dit waarschijnlijk voor de meeste
aandoeningen die erfelijk bepaald zijn.
Als we het hebben over veroudering spelen in ieder geval de onderstaande factoren een grote rol:
- stress
- vrije radicalen belasting
- belasting door zware metalen /toxische stoffen
- hormonaal evenwicht
- teveel inname van bepaalde voedingsstoffen
- tekort aan beweging
Stress
Het blijkt dat buidelratten die in een omgeving leven met veel natuurlijke vijanden minder lang leven dan wanneer deze dieren in een omgeving leven waar ze geen vijanden hebben. Ook schildpadden die door hun harde schild nauwelijks nog natuurlijke vijanden hebben kunnen erg oud worden en zelfs op zeer late leeftijd nog vruchtbaar blijven. In de literatuur staat het verband tussen stress en veroudering bekend als het stress-age syndroom. Het blijkt dat wanneer muizen worden vastgebonden zodat ze niet kunnen bewegen, dit een enorme stressfactor voor ze is. Als ze dan ook nog geen water en eten krijgen blijkt dat er na 18 uur een duidelijke toename is van het lipidenperoxide gehalte in lever en nieren. Dit is een maat voor vrije radicalen schade. Ander onderzoek laat zien dat er een duidelijk verband is tussen schade aan cellen door vrije radicalen en toename van stress en verhoogde productie van catecholaminen (onder andere cortisol dat in de bijnieren wordt aangemaakt). Mogelijk werken catholaminen zelf ook als vrije radicalen. Vooral cortisol blijkt blijvende schade te kunnen geven aan het zenuwstelsel en speelt mogelijk een rol bij het ontstaan van dementie.
Voor
alle duidelijkheid zal ik hieronder kort uitleggen wat vrije radicalen zijn.
Vrije radicalen en anti-oxidanten
Zuurstof
is onmisbaar voor onze energievoorziening. We kunnen blijven leven doordat
we met behulp van zuurstof in onze cellen op een gecontroleerde manier voedingsstoffen
verbranden. In de energiecentrales van onze cellen, de mitochondria, wordt
de energie uit de voeding (o.a. glucose, vetten) door de inwerking van zuurstof
(oxidatie) omgezet in bruikbare pakketjes energie. Een klein deel, meestal
minder dan een procent, van de zuurstof 'ontsnapt' uit dit proces en komt
in de cellen vrij in de vorm van zuurstofmetabolieten. Deze zuurstofmetabolieten
kunnen schadelijk zijn, omdat ze zeer reactief zijn
en worden ook wel vrije radicalen genoemd.
Een stabiele verbinding heeft elektronen die in paren (en dus in een even
aantal) rondom de kern draaien. Een vrije radicaal is een zeer onstabiele
verbinding die een oneven aantal elektronen bezit en dus een ongepaard elektron
heeft. Om stabiel te worden gaat een vrije radicaal driftig op zoek naar een
partner voor dit 'vrije elektron'.
Vrije radicalen kunnen bij ieder molecuul dat ze tegenkomen proberen een elektron
te 'stelen', dit proces wordt in de chemie oxidatie genoemd. Het gevolg hiervan
is dat het bestolen molecuul op zijn beurt een vrije radicaal wordt. Zo kan
er een kettingreactie ontstaan die pas stopt als een vrije radicaal gevangen
wordt door een vrije radicalen vanger of anti-oxidant. Zo"n anti-oxidant
is een stof die veel elektronen heeft en makkelijker één afstaat
en dan zelf niet meer zo agressief is. Enkele voorbeelden van anti-oxidanten
zijn: vitamine C, vitamine E, selenium, soja (genistein), beta-caroteen, OPC,
groene thee, mariadistel (silymarin), ginkgo biloba, glutathion en liponzuur.
Vele vormen van beschadiging in ons lichaam door toxische stoffen en een aantal
belangrijke ziekteprocessen ontstaan ten gevolge van de zeer reactieve vrije
radicalen. Vrije radicalen (zoals superoxide, het hydroxylradicaal en singlet
zuurstof) spelen onder andere een rol bij schade aan cellen door chemische
stoffen en door straling, schade door zuurstof en andere toxische gassen,
veroudering van cellen en schade door infecties.
Nu
is het niet zo dat vrije radicalen alleen slechte dingen doen. Vrije radicalen
spelen ook een rol bij het doden van bacteriën door bepaalde witte bloedcellen
(o.a. fagocyten). Daarnaast reguleren vrije radicalen verschillende cel functies
zoals differentiatie en spelen ze o.a. een rol bij de handhaving van de bloeddruk.
Vrije
radicalen kunnen op verschillende manieren schade aanrichten:
* Vrije radicalen kunnen ervoor zorgen dat vetten oxideren en als het ware
ranzig worden. Dit proces wordt ook wel lipide peroxidatie genoemd en verzorgt
een nieuwe reeks vrije radicalen in de vorm van een kettingreactie. Oxidatie
van het LDL-cholesterol door vrije radicalen is hoogst waarschijnlijk de hoofdoorzaak
van atherosclerose.
*
Ook kunnen vrije radicalen eiwitten of aminozuren aan elkaar koppelen, het
zogenaamde cross-linking. Dit kan o.a. cataract (staar)
en rimpelvorming veroorzaken.
* Vrije radicalen kunnen de celmembranen beschadigen. Dit kan leiden tot verminderde
absorptie en uitscheiding van stoffen, hetgeen dodelijk is voor de cel. Ook
kunnen structuren beschadigen zoals het DNA en diverse eiwitten. Dit kan kanker
veroorzaken.
* In de cellen bevinden zich lysosomen. Dit zijn door een membraan omgeven
blaasjes gevuld met meer dan veertig verschillende verteringsenzymen. Als
de membraan van zo'n lysosoom beschadigd raakt door vrije radicalen kunnen
de lysosomale enzymen er uit lekken en de cel van binnenuit afbreken (autolysis).
Bovengenoemde beschadigingen spelen een rol bij het minder goed functioneren
van cellen en veroudering door verlies van actieve cellen.
Alle beschadigingen bij elkaar opgeteld kan een behoorlijke aanslag zijn op
de reserves van het lichaam. Als we het aantal vrije radicalen verminderen
door inname van meer anti-oxidanten kunnen we de veroudering van het lichaam
vertragen.3
Een goede natuurlijke voeding kan veel van de benodigde stoffen leveren. Blootstelling
aan o.a. ultravioletlicht, sigarettenrook, stress en infecties kan zorgen
dat het lichaam meer anti-oxidanten nodig heeft. We eisen een optimale gezondheid
en dat verlangt een optimale hoeveelheid van voedingsstoffen in ons lichaam.
Ter bescherming tegen vrije radicalen en ter ondersteuning van vele lichaamsfuncties
kan het daarom verantwoord zijn om de voeding aan te vullen met vitaminen,
mineralen, spore elementen en kruiden. Een uitgekiende combinatie van anti-oxidanten
zorgt er voor dat de verschillende ingrediënten elkaars werking versterken.
Dit verschijnsel noemen we synergisme. Zo ondersteunt vitamine C de werking
van vitamine E, bioflavonoïden de opname van vitamine C, liponzuur de
werking van C en E, etc.
In 1995 heeft TNO een onderzoek gedaan naar tekorten in de voeding. Daaruit
bleek dat het merendeel van de Nederlanders tekorten had wat betreft een aantal
zeer belangrijke voedingsstoffen, waaronder vitamine A, zink, chroom, foliumzuur
en selenium.
En
dit geldt dan alleen nog als we de huidige ADH (aanbevolen dagelijkse hoeveelheid)
hanteren. Hier zit een groot een probleem. De ADH is van oudsher ontwikkeld
om een grens te hanteren waar boven gebreksziekten bijna niet voorkomen. Dit
is wat anders dan een optimale waarde. Zo heeft bijna niemand meer scheurbuik
wat echt een vitamine C gebreksziekte is, maar veel mensen hebben bloedend
tandvlees of snel blauwe plekken wat zeer waarschijnlijk te wijten is aan
een sub optimale inname van vitamine C.
In de orthomoleculaire geneeskunde wordt het begrip biochemische individualiteit
gehanteerd om aan te geven dat je onmogelijk precies voor een groep richtlijnen
kunt geven, de individuele behoefte kan sterk variëren. Een duidelijk
voorbeeld hiervan is de aanpassing van de ACH voor zwangeren of rokers of
het geven van hormonen aan postmenopauzale vrouwen (geen één
vrouw reageert hetzelfde).
Het is duidelijk dat behoeften verschillen en willen we dat iemand zich fit
voelt is het van groot belang dat we individueel kijken naar iemands tekorten
en behoeften. Dat kan doormiddel van een goede anamnese, zo heeft iemand met
een zink of koper tekort vaak het gevoel dat zijn eten minder smaakt of iemand
met een vitamine A tekort het gevoel dat hij niet goed kan autorijden in het
donker. Ook bij het lichamelijk onderzoek is het zinvol te letten op verschijnselen
van tekorten zoals witte vlekjes op de nagels bij een zink of siliciumtekort,
veel eelt onder de voeten bij een vitamine A tekort.
Behalve het kijken naar tekorten kunnen we ook kijken naar iemands behoefte.
Bijvoorbeeld iemand met in de familie veel hart-en vaatziekten en een knikje
in zijn oorlel
,
zou ik graag bij voorbaat al wat extra vitamine E, vitamine C, visolie en
foliumzuur geven. Uiteraard zullen we kijken naar risicofactoren als verhouding
HDL / LDL-cholesterol, triglyceriden, lp(a) en homocysteïne.
Verder kun je alle vitaminen en mineralen in het bloed bepalen en ook vetzuren
en aminozuren zijn te bepalen. Ook is het soms zinvol om een haaranalyse te
doen om een idee te krijgen over de opname van mineralen en toxische stoffen
over een langere termijn.
Schade door toxische stoffen
Naast
veroudering door een teveel aan vrije radicalen of te veel stress kunnen ook
zware metalen en toxische stoffen een grote rol spelen. Toxische stoffen als
cadmium, lood, kwik, arsenicum en aluminium kun je langzaam maar zeker steeds
meer in je lichaam stapelen. We zien dat oudere mensen vaak veel hogere concentraties
van toxische stoffen in hun haaranalyse hebben dan jongeren. Voor de meeste
zware metalen geldt dat het niet moeilijk is om wat op te nemen, maar dat
het zeer moeilijk is om het kwijt te raken. Hogere concentraties van zware
metalen in je lichaam geven meer kans op schade aan organen en zenuwen en
veroorzaken weer extra vorming van vrije radicalen. Tevens kan een belasting
met zware metalen zorgen voor allergieën, vergeetachtigheid, concentratieproblemen,
verhoogde kans op kanker en vermoeidheid. Zware metalen kun je binnen krijgen
door amalgaamvullingen (kwik), door eten (o.a. bespoten groenten, (orgaan)vlees,
paling, garnalen, platvissen) en door aanraking (opname via de huid, bijvoorbeeld
uit kleding, verf, geïmpregneerd hout (bevat arsenicum tegen het rotten)).
Je kunt zware metalen weer kwijt raken door chelatie
(dit is het geven van injecties of infusen met een chelerend middel als
EDTA of DMPS dat zich bindt aan zware metalen waardoor het lichaam ze weer
kan uitscheiden. (zie voor meer info op internet http://www.chelatie.nl en
www.acam.org), door het extra innemen van chelerende stoffen als chlorofyl,
liponzuur en selenium en door flink te transpireren (sauna, sporten).
Hormonale dysbalans
We zien dat vrouwen na de menopauze opeens meer kans krijgen op hart- en vaatziekten, osteoporose en overgewicht. De beschermde functie van oestrogeen en progesteron valt weg.
Ook zagen we al dat stresshormonen schade kunnen aanrichten. Een tekort aan groeihormoon zorgt voor een minder goed herstel en een tekort aan melatonine kan zorgen voor een minder goede nachtrust en eveneens meer schade aan de hersenen. Tekorten van het bijnierhormoon dhea kan leiden tot verhoogde kans op kanker en op een snellere veroudering.
Kortom het is van groot belang om te zorgen voor een juist hormonaal evenwicht. Probleem is dat we van veel hormonen nog niet goed weten wat de uitwerking op langere termijn is.
Tijdens
mijn opleiding in Amerika heb ik prachtige voorbeelden gezien hoe ouderen
weer heel vitaal kunnen worden door injecties met groeihormoon en door suppletie
met melatonine en dhea. Aan de andere kant zijn er voorzichtige aanwijzingen
dat groeihormooninjecties bestaande kankercellen mogelijk kunnen stimuleren
in hun groei en injecties met groeihormoon zijn ongelofelijk prijzig. Veel
veiliger en goedkoper is het daarom om maatregelen te nemen die niet direct
maar wel indirect leiden tot een hogere concentratie van bepaalde hormonen.
Zo kan slapen in een lichte kamer (zelfs als er wat licht onder de deur doorschijnt)
al iemands melatonineproductie drastisch verminderen. Indien "s nachts
naar het toilet gegaan wordt en er valt licht in de ogen dan daalt binnen
een minuut de plasma concentratie melatonine tot bijna nul. Hiermee vervalt
dus de werking van een hormoon dat helpt te herstellen en zorgt voor een goede
nachtrust en dat tevens een van de sterkste anti-oxidanten is voor het zenuwstelsel.
Ook het innemen van koffie kan de aanmaak van melatonine remmen. Zorgen voor
een goede nachtrust in een donkere kamer en het niet meer "s avonds drinken
van koffie (of cola) kan mogelijk levensverlengend werken. Onderzoek bij proefdieren
laat een duidelijk levensverlengend effect van melatonine zien.
Als bij proefdieren de jonge dieren een pijnappelklier (waar de melatonine
wordt gemaakt) krijgen van oudere dieren en andersom dan zien we dat de oudere
proefdieren, dankzij hun nieuwe jonge pijnappelklier duidelijk langer leven
en de jongeren eerder sterven, hetgeen een aanwijzing is dat mogelijk de lengte
van het leven geregeld wordt vanuit de pijnappelklier en mogelijk door melatonine.
Meer bewegen verhoogt de groeihormoonproductie en daarmee ook het herstel van het lichaam.
Ontspanning kan helpen een verlaagde dhea-productie weer normaal te krijgen en vrouwen kunnen door extra inname van isoflavonen als genisteïne (zit veel in soja en bonen) zorgen voor een vervanging van hun verminderde oestrogeenproductie en daarmee de kans op osteoporose verminderen.
Inname van teveel voedingsstoffen of teveel verkeerde voedingsstoffen.
Een andere factor van veroudering waar we op in kunnen grijpen is de invloed van inname van te veel voedingsstoffen of te veel van de verkeerde voedingsmiddelen.
Allereerst er een duidelijk relatie tussen de inname van veel suiker en veroudering. We zien dat naar mate iemand verouderd er sprake is van een verminderd vermogen een normale suikerspiegel te handhaven. Suiker heeft de nare eigenschap dat het zich kan binden aan aminozuren en daarmee aanleiding geeft tot de vorming van AGE"s (Advanced Glycosylation Endproducts). Deze AGE"s zijn stoffen die een ballast zijn voor het lichaam en een rol spelen in het ontstaan van aderverkalking, rimpelvorming en dementie. Wat men vroeger levervlekken noemde (de bruine vlekken in de oudere huid) zijn in feite niets anders dan onderhuidse opslag van deze AGE"s.
Daarnaast kan inname van suiker zorgen voor een sterk verminderde functie van natural killer cellen, dit zijn zeer belangrijke cellen die bijdragen aan een goede immuniteit. Verminderde afweer betekent meer kans op kanker, infecties en ontstekingen.
Andere stoffen waar je snel teveel van krijgen zijn: verzadigde vetten, vlees, geraffineerde producten, chemische stoffen (bespoten groente, kant&klaar maaltijden) en zware metalen.
De beste manier om je leven te rekken is het drastisch minderen van de totale hoeveelheid calorieën, zonder een beperking van de essentiële voedingsstoffen. Onderzoek van onder andere prof. R.L. Walford laat zowel bij dieren als mensen een duidelijke verbetering zien van alle gezondheidsparameters (o.a. bloeddruk, hartslag, cholesterol gehalte, activiteit witte bloed cellen etc.) na een periode van een zeer streng calorie arm maar nutriëntenrijk dieet.
Overgewicht is een van de grootste risicofactoren van veroudering en daarmee is een goed, gebalanceerd dieet en voldoende inspanning een must voor degenen die werken willen aan een gezonde toekomst.
Tekort aan beweging
Ons
hele lichaam is er op gebouwd om te kunnen bewegen. "Rust roest"
en dat geldt ook voor ons lichaam. We zien dat wanneer botten belast worden
(door wandelen, sporten) dat er minder botafbraak is. We zien dat wanneer
ouderen
regelmatig gaan bewegen hun groeihormoonproductie weer stijgt (en daarmee
weer beter slapen, uitgeruster wakker worden, vitaler zijn). Voor beweging
geldt heel duidelijk dat teveel ook niet goed is. Topsport is ongelofelijk
ongezond o.a. doordat het de immuniteit verlaagt en zorgt voor een grote productie
van vrije radicalen. Ik adviseer mensen om op een rustige wijze bijvoorkeur
dagelijks lichamelijk actief te blijven, bijvoorbeeld door te wandelen, zwemmen,
fietsen, het beoefenen van Tai Chi of niet te intensief te sporten.
Zoals ik in het begin van dit artikel al aangaf is een van de eerste dingen die we merken aan het verouderen het krijgen van kwalen. Wanneer we willen zorgen voor een kwalitatief beter leven in de tweede helft van ons leven dan is preventie van een aantal veel voorkomende kwalen een belangrijke stap. We hebben al min of meer besproken dat de eerste stappen naar een gezondere oude dag zijn het zorgen voor een gezonde voeding (calorie arm, rijk aan nutriënten, veel verse groente, fruit, bonen, noten en vette vis (of lijnzaadolie) en weinig of geen vlees), extra aanvulling met supplementen, lichamelijke beweging en een schoon leefmilieu. In het nu volgende wil ik van drie van de meest voorkomende kwalen kort de risicofactoren bespreken en vertellen wat er preventief aan te doen valt middels orthomoleculaire maatregelen.
De meest voorkomende ouderdomskwalen (degeneratieve ziekten):
- hart- en vaatziekten
- kanker
- geheugenstoornissen / Alzheimer
Hart -en vaatziekten
Dit is de meest voorkomende aandoening op oudere leeftijd. Onder hart- en vaatziekten vallen aderverkalking (atherosclerose), het hartinfarct, het herseninfarct (afsluiting van een vat, meestal door bloedprop en vernauwde vaten), een hersenbloeding (scheurtje in een vat) en een minder goed werkend hart (decompensatio cordis).
Risicofactoren voor het verkrijgen van hart- en vaatziekten zijn:
- roken (en daarmee vorming van veel vrije radicalen)
- te weinig inspanning
- te hoog LDL-cholesterol gehalte
- te hoog homocysteïne gehalte
- te hoog lipoproteïne (a) gehalte
- te hoog suiker gehalte in het bloed
- ontstekingen
- overgewicht en eten van te veel verzadigde vetten
- tekorten aan essentiële stoffen als foliumzuur, B6, B12, vitamine E, carnitine, selenium, etc.
- erfelijke factoren
- onderdrukking van emoties? / te veel stress?
Om te zorgen voor een goede conditie van het hart en de vaten is een geregelde inspanning (een stevige wandeling of licht sporten) een vereiste. Het eten van te veel vet en met name van de verkeerder vetten (transvetzuren en verzadigde vetten) kan het ontstaan van aderverkalking bevorderen. We zien dat bij een te hoog cholesterol gehalte met name het LDL-cholesterol van belang is. Als dit oxideert (hetgeen je dus kunt remmen met anti-oxidanten) wordt het zogenaamde oxy-LDL gevormd en dat is een zeer belangrijke schakel in het ontstaan van aderverkalking. Onderzoek laat zien dat er een relatie is tussen aderverkalking en ontstekingen elders in het lichaam. Mogelijk komt dit doordat ontstekingen zorgen voor een grotere productie van vrije radicalen. Hetzelfde geldt voor het hebben van te veel zware metalen in je lichaam.
Ter
preventie van hart- en vaatziekten kunnen naast het eten van de goede vetten
(olijfolie, vette vis, walnoten, amandelen) extra vitaminen en supplementen
helpen. Zo zijn foliumzuur, vitamine B6 en vitamine B12 van groot belang in
het verlagen van het homocysteïne gehalte. Dit homocysteïne gehalte
is een onafhankelijke risicofactor voor hart- en vaatziekten en kan door juiste
voeding en suppletie worden verminderd. Mogelijk kunnen vitamine C en E de
vorming van aderverkalking remmen en kunnen co-enzym Q10 en carnitine de pompfunctie
van het hart versterken. De Amerikaanse arts dr. Dean Ornish heeft een programma
ontwikkeld voor hartpatiënten om hun levensstijl te veranderen. Deze
training onder andere bestaande uit leren omgaan met emoties, gezondere voeding,
ontspanningsoefeningen en stoppen met roken resulteerde in een duidelijk verminderde
kans op een nieuw hartinfarct en bevorderde de kwaliteit van het leven van
patiënten. Het mooie aan dit programma is dat deze aanpak ook bewezen
is en o.a. gepubliceerd is in gerenommeerde medische tijdschriften als de
JAMA
en Lancet.
Kanker
Kanker is in vele landen volksziekte nummer twee. Ondanks vele behandelmethoden is preventie nog steeds de beste aanpak. De oorzaak van kanker is multifactorieel en nog steeds voor een deel onbekend. Mogelijke oorzaken van kanker zijn:
- erfelijkheid
- een vervuild milieu, belasting met gifstoffen / zware metalen / hormonen /pesticiden
- ongezonde voeding / tekorten aan bepaalde essentiële stoffen
- straling, overdadige blootstelling aan UV-licht
- roken
- Stofwisselingsstoornissen (minder goede ontgifting, obstipatie etc.)
- onderdrukking van emoties? / te veel stress?
Diverse
onderzoeken laten zien dat een groot deel van de kanker gevallen (tenminste
30-40%) voorkomen kan worden door gezonde voeding. In groente en fruit zitten
honderden stoffen die beschermend werken en de kans op het krijgen van kanker
verminderen. Een goede richtlijn voor een dieet ter bescherming en voorkoming
van kanker wordt gegeven in de boeken van collega A.J. Houtsmuller
en van P. Quillin.
Theoretisch
gezien zijn er voedingsstoffen die de groei van kanker bevorderen (o.a. vlees,
suiker, sterk geraffineerde producten, bruin gebakken eten, gerookt of gebarbecued
eten, gefrituurd eten, inname van verzadigde vetten en transvetzuren) en voedingsmiddelen
die het ontstaan van kanker remmen (groente, fruit, bonen, soja, boterbonen,
noten, vette vis, lijnzaad(olie), granen, groene thee, rooibosthee en kruiden
als kurkuma, knoflook, saffraan, gember). Daarnaast zijn er diverse voedingsstoffen
die een beschermend effect hebben op het ontstaan van kanker en die als voedingssupplement
kunnen worden ingenomen, o.a. een goede multivitamine
,
selenium, carotenoïden (o.a. lycopeen), tocoferolen, tocotriënolen,
vitamine C, liponzuur, glutathion, isoflavonen (m.n. uit soja), catechinen
(o.a. in groene thee), curcuminoïden, vitamine A, vitamine D, vitamine
K2, dhea, melatonine
en quercitine.
Indien er eenmaal kanker is geconstateerd is een combinatie van de reguliere therapie (operatie, bestraling, chemo, immuuntherapie) en een orthomoleculaire ondersteuning aan te bevelen. Een aantal voedingssupplementen kan de bijwerkingen van chemotherapie en radiotherapie verminderen en tevens zorgen voor een beter effect en herstel.
Manieren waarop voeding beschermend kan werken
Globaal zijn er zes manieren om met behulp van voeding de groei van kankercellen te remmen en het ontstaan van nieuwe kankercellen te voorkomen.
a) Remming van de vorming van vrije radicalen
Dit proces hebben we hierboven al uitgebreid besproken. Vrije radicalen kunnen kanker veroorzaken. Door middel van gezonde voeding en voedingssupplementen kun je de schade die veroorzaakt wordt door deze vrije radicalen beperken.
b) Stimulering van de apoptosis.
Apoptosis is geprogrammeerde celdood. Normaal gesproken deelt een cel en daarmee ontstaat een nieuwe cel. De oude gaat dood, de nieuwe die een exact kopie is van de oude gaat verder. We zien bij kanker echter vaak dat ook de oude cel door blijft groeien en delen. We willen dus eigenlijk kankercellen leren om dood te gaan. Dit kunnen we doen door de geprogrammeerde celdood te stimuleren. Stoffen die hier o.a. invloed op hebben zijn: melatonine, zink, vitamine E, soja (genistein), knoflook, lycopeen en milk thistle (silymarin).
c) Remming van de neo-angiogenese, oftewel remming van de vorming van nieuwe bloedvaatjes. Dit is een hot-item in het kankeronderzoek. Remming van de vorming van nieuwe vaatjes betekent dat de kankercellen minder voeding krijgen en uiteindelijk verhongeren. Als je een muis bent en kanker hebt kun je hiermee zeer goed behandeld worden en zelfs genezen van kanker. Voor mensen is er nog geen goed regulier middel voor gevonden al staan een aantal middelen als endostatin en het nog beruchte softenon in de belangstelling. Natuurlijke stoffen die de vorming van nieuwe bloedvaten remmen zijn o.a.: soja (genistein), groene thee, vitamine D, vitamine A, milk thistle (silymarin), haaienkraakbeen, acetylcysteïne, maretak (iscador) en mogelijk ook coriolus versicolor en melatonine.
d) Remming van stimulerende hormonen
Bij hormoongevoelige tumoren als borstkanker en prostaatkanker kun je de invloed van de stimulerende hormonen beperken door stoffen toe te dienen die lijken op een hormoon, maar niet hetzelfde werken als een hormoon. Soja (genistein) is een stof die zo de groei van borstkankercellen en prostaatkanker kan remmen.
e) Stimulering van het immuunsysteem (de afweer versterken)
Door chirurgie, bestraling en chemotherapie kan een groot deel van de kankercellen aangepakt worden. Echter zien we vaak dat niet alle kankercellen worden opgeruimd. In principe is dit de taak van uw afweersysteem. Als er bijvoorbeeld 1 kubieke millimeter cellen over is gebleven na een operatie, dan gaat het toch nog om zo'n 1 miljoen kankercellen. Versterking van uw afweersysteem betekent een grotere kans dat uw lichaam dit zelf opruimt. Chemotherapie en bestraling hebben een sterk immuun verlagend effect. Stoffen die het immuunsysteem o.a. stimuleren zijn: melatonine, vitamine C, vitamine E, zink, selenium, een goede multivitamine, knoflook en groene thee. Ook ontspanning, meditatie en psychotherapie kunnen enorm helpen uw afweer te versterken.
f) De kankercel zwakker maken
Kankercellen
reageren anders en hebben een andere stofwisseling dan normale cellen. Stoffen
als DHEA, pao pereira, visolie of lijnzaadolie
,
wei-poeder en acetylcysteine kunnen de gewone cel sterker maken en de kankercel
verzwakken. Mogelijk zijn enzymen van groot belang om kankercellen kwetsbaarder
te maken. Dit is een van de redenen waarom groentesap uit fles iets minder
goed is, het bevat minder enzymen. Ook het vermijden van vlees en vooral suiker
helpt om het de kankercellen moeilijker te maken.
Alles bij elkaar genomen kunnen we concluderen dat voeding een sterk wapen tegen kanker is en dat u nu dus al kan beginnen met maatregelen om de kans op het krijgen van kanker te verminderen. Een orthomoleculair arts of natuurarts kan u helpen een goede keus te maken wat voeding en voedingssupplementen betreft.
Geheugenstoornissen / Alzheimer
De laatste veel voorkomende groep van ouderdomskwalen die ik wil toelichten is de groep waarbij verlies optreedt van intellectuele functies zoals geheugenstoornissen, dementie en de ziekte van Alzheimer.
Bij
geheugenstoornissen kan er sprake zijn van een verminderde concentratie of
snelle vermoeidheid, waardoor het minder goed lukt om bepaalde zaken te herinneren.
Ook
kunnen tekorten aan vitamine B1, B3, B6
en B12 bijdragen aan een verminderd geheugen. Koffie heeft een mogelijk gunstig
effect aangezien het de doorbloeding van de hersenen bevordert evenals niacine
en ginkgo biloba.
Eventueel kunnen "smartdrugs" als DMAE, phosphatidylserine, acetyl-l-carnitine
en vinpocetine helpen om het geheugen optimaal in conditie te houden.
Bij
dementie is er sprake van een verminderd vermogen van inprenting en concentratie,
geheugenverlies voor recente gebeurtenissen, verminderde cognitieve functies,
verminderde frustratietolerantie, affectieve labiliteit, stoornissen in het
gedrag en verlies van decorumgevoel.
De meest voorkomende oorzaken van dementie zijn de ziekte van Alzheimer en
doorbloedingsstoornissen, met name het multi-infarct dementie. Preventie van
herseninfarcten kan mogelijk door inname van aspirine, ginkgo biloba, resveratrol,
vette vis en vitamine E.
Bij de ziekte van Alzheimer is er sprake van een aantoonbare schade aan de hersenen. Dit is een ziektebeeld dat progressief is en tussen het vijfenveertigste en vijfenzeventigste jaar kan ontstaan. Zoals we al eerder hebben genoemd is het hebben van hoge cortisolspiegels (bijvoorbeeld door veel stress) een van de mogelijke oorzaken van Alzheimer. Andere mogelijke oorzaken zijn het neerslaan van bepaalde ontstekingseiwitten, zware metalen (met name aluminium, lood, kwik en cadmium), vrije radicalen en een verminderde doorbloeding.
Tot
nu toe zijn er weinig echt beschermende stoffen tegen de ziekte van Alzheimer
gevonden, maar een extract van de bladeren van de Japanse Tempelboom, de ginkgo
biloba, kan het proces van Alzheimer vertragen met bijna 6 maanden.
Ook de inname van een zeer hoge dosis (2000 I.E.) vitamine E (alleen onder
begeleiding van een arts doen) kan het proces van de ziekte van Alzheimer
remmen en zorgen voor betere cognitieve functies, zelfs bij al bestaande dementie.
Andere anti-oxidanten die met name de hersenen beschermen zijn melatonine, acetylcysteine, glutathion, resveratrol en ascorbylpalmitaat, de vetoplosbare vorm van vitamine C.
Samengevat kunnen we zeggen dat er vele theorieën rondom veroudering zijn, dat een groot deel van de mogelijke oorzaken van veroudering te beïnvloeden is door verandering in leefstijl (meer bewegen, minder stress, lekker in je vel zitten, emoties uiten) en verandering in eetgewoonten (gezonder eten met extra aanvulling). En dat de orthomoleculaire geneeskunde zeker wat preventie betreft kan helpen een individuele strategie te bepalen om het risico op een bepaalde aandoening te verminderen en de kwaliteit van het leven bevorderen. Die kwaliteit van het leven is niet iets dat pas op latere leeftijd speelt maar iets dat elke dag van groot belang is.
Pluk de dag, eet gezond, leef lang en ............. leef NU!
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------
Johan Bolhuis is orthomoleculair arts en werkt samen met zijn vrouw Alexandra Alons in de "Artsenpraktijk voor natuurgeneeskunde" in Dieren. Johan schrijft regelmatig artikelen over de invloed van voeding en voedingssupplementen op de gezondheid, is wetenschappelijk adviseur bij de stichting Nationaal Fonds tegen Kanker en is aangesloten bij de Maatschappij ter Bevordering van de Orthomoleculaire Geneeskunde, het Nederlands Genootschap voor Orthomoleculaire Oncologie, de American College for the Advancement in Medicine en de Life-extension Foundation. Voor meer info zie: www.natuurarts.nl en www.ngoo.nl
© 2001. Deze homepage is gemaakt door Johan Bolhuis met medewerking van Alexandra Alons. Beiden zijn als arts werkzaam in de Artsenpraktijk voor Natuurgeneeskunde in Dieren. Op deze homepage berust een copyright. Voor meer info kunt u e-mailen naar vraag@natuurarts.nl. Voor alle op deze homepage vermelde informatie geldt de algemene disclaimer. Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op 6-06-2001 .



